Vanaf de eerste schets welkom op gemeentehuis
Vanaf de eerste viltstiftschets zijn burgers met (ver)bouwplannen welkom op het gemeentehuis van Voorst. Een inhoudelijk deskundig ambtenaar neemt de plannen met de mensen door. In dit gesprek krijgen initiatiefnemers helder uitgelegd hoe het proces in Voorst is georganiseerd. De gemeente draagt actief uit dat zij ervoor de burger is en niet andersom. Jan van Muyden, wethouder ruimtelijke ordening, volkshuisvesting en milieu in de gemeente Voorst, verteit: “Wij leggen uit, stimuleren en dragen eventueel alternatieven aan. Die investering loont!”
Ruimtelijk kwaliteitsbeleid in Voorst
Bron: Beeldspraak juni 2011 / jaargang 7 / nummer 2
Een paar jaar geleden was er weerstand in de gemeenteraad en kwam er een initiatief voor een welstandsvrij buitengebied. Boekei diende als voorbeeld. Van Muyden:”We zijn toen gaan onderzoeken waar de problemen zaten en wat bleek? Het zat ‘m niet in welstand, maar in de vergunningenprocedures.”
De gemeente Voorst besloot het proces te veranderen. De wethouder vertelt: “Door welstand verder in het voortraject op te nemen, boekje niet alleen tijdswinst. Je voorkomt ook het idee bij aanvragers dat het hordes zijn die genomen moeten worden. Wij gaan gerust drie kwartier met mensen in de spreekkamer zitten om uit te leggen hoe het werkt. Dat zijn geen front office medewerkers, maar inhoudelijk deskundigen. Onze boodschap is ‘wij willen kwaliteit in deze gemeente’ en dus niet ‘welstand heeft eisen’.
In de omgevingsvergunning loopt alles parallel, alle toetsingen gaan inéén keer mee inclusief brandweervoorschriftenen bouwbesluiten. We willen de mensen op goede wijze en op het juiste moment informeren. Ze moeten het idee krijgen dat ze aan het werk kunnen.” De gemeente Voorst werkt volledig digitaal en binnen twee weken heeft de aanvrager een compleet beeld. De doorlooptijd van het proces is verkort. Van Muyden: “Het gaat niet altijd goed, maar we hebben de lijn te pakken. De werkwijze van de Wabo en onze eigen inhoudelijke ambities versterken elkaar.”
Hij vervolgt: “We hebben nu een gewone welstandscommissie. AI naar gelang de locatie roepen wede gewenste expertise bijeen, van erven- tot stedenbouwkundigen. Teunis Overeem, senior bouw- en woningtoezicht, vult aan: “Een flexibele integrale commissie ruimtelijke kwaliteit is wat we willen, dus inclusief monumenten. We willen de puntjes op de i zetten. Het succes zit ‘m in het integraal naar voren trekken van het kwaliteitsaspect. Dus er zijn nog wel wat stappen te zetten.”
Voorst is hier nu zo’n twee jaar mee bezig. Is het tijd vooreen volgende evaluatie? Van Muyden concludeert: “De kwaliteitswens wordt in elk geval niet meer ervaren als een extra hobbel. Het is soms nog een gevecht, maar geregeld heb je ook mooie momenten. Om samen kwaliteit te maken, moet je je als gemeente laagdrempelig opstellen. We zijn er voor de burger, niet andersom!”
Uit de wethouderskamer
Een klein wit boerderijtje ligt net onder de dijk bij Twello. Er zit altijd een oud dametje aan de keukentafel, iedere passant kan haar zien zitten. Dan wordt het pand verkocht en de nieuwe eigenaars denken aan ‘een eigentijds paleisje’. De wethouder gaat met hen in gesprek, want zijn visie is datje verkeerde verwachtingen moet voorkomen. Zijn boodschap:’uw paleisje gaat het niet worden op deze plek, want de locatie vraagt om iets ingetogens, iets bescheidens.’ Dat is schakelen voor de eigenaar. Door het goede gesprek lukt dat uiteindelijk wel. En wat er nu staat? Een landhuisje, niet kleiner dan gewenst door de eigenaar, maar wel passend in de omgeving door een ingetogen vormgeving. Iedereen heeft er vrede mee.