Nieuwe bijdrage aan behoud in situ

Onlangs maakte minister Plasterk van Cultuur een lijst van 23 archeologische vindplaatsen bekend, die voorgedragen worden voor wettelijke bescherming. Ongeveer tweederde van deze lijst bestaat uit Romeinse monumenten langs de toenmalige noordgrens van het Romeinse Rijk, de Limes. De overige betreffen prehistorische nederzettingen en grafvelden, scheepswrakken en resten van een klooster en een abdij. Veelal verscholen in de bodem. Twee monumenten zijn bekend terrein voor de Archeologische Monumentenwacht.

Bron: Nieuwsbrief 8 Archeologische Monumentenwacht



De vindplaatsen zullen dit jaar als rijksmonument beschermd gaan worden. Ze vullen een wezenlijke lacune op in het huidige bestand van beschermde archeologische monumenten. In Nederland zijn circa 1500 archeologische vindplaatsen wettelijk beschermd. Deze groep kent geen evenwichtige samenstelling. Minister Plasterk rekent het tot zijn taak de komende jaren tot een representatiever bestand te komen. In navolging van de Wet op de archeologische monumentenzorg streeft de minister bovendien naar behoud in situ. Dit betekent dat archeologisch erfgoed zo veel mogelijk wordt bewaard op de plaats waar het is aangetroffen. De bodem is de beste garantie voor een goede conservering van archeologische resten.

De toestand van één van de terreinen die op grond van hun gaafheid en conservering nu zijn aangewezen als beschermd monument ligt in Limburg en wordt al sinds 1998 gemonitord door de AMW. Het terrein ligt in een gebied met hoge cultuurhistorische en natuurwaarden dat wordt beheerd door Staatsbosbeheer.


Leudal
Het andere terrein ligt in het Leudal, nabij Haelen (L.). Hier bevinden zich meerdere grafheuvels, een urnenveld uit de Late Bronstijd en Ijzertijd en bewoningssporen uit het Meso- en Neolithicum.
Van de begravingen is een aantal heuveltjes zichtbaar. Ze zijn gesitueerd op de hoge oever van de Tungelroysche Beek. Bij de aanvangsinspectie van de AMW in 1998 waren de heuvels moeilijk te lokaliseren. Overwoekerd door bos en braamstruweel, aangetast door graafwerk, bosaanleg en paden. In haar eerste beschrijving adviseerde de AMW de heuvels vrij te maken van bos, hun oude vorm weer terug te brengen en de directe omgeving zodanig in te richten dat de grafmonumenten beter beleefbaar zouden zijn voor het publiek.


Staatsbosbeheer heeft het advies overgenomen. In 2004 en 2005 begeleidde de AMW de herstelwerkzaamheden. Nadat een groot deel van de begroeiing en de strooisellaag waren verwijderd, werd de aantroffen staat nauwkeurig getekend.
De gewenste vorm werd uitgezet waarna beschadigde of afgegraven delen van de heuvels met schoon geel zand zijn aangevuld. De laatste stap bestond uit het afdekken van de aangevulde delen met boshumus en ook plaggen.


Na herstel liggen de monumenten er weer goed bij. Zaak is wel om direct na zo’n herstel te starten met periodiek onderhoud. Staatsbosbeheer heeft dit specifieke onderhoud opgenomen in haar werkplan. Het verwijderen van bosopslag en braam, het opvullen van dierlijke ingravingen en het uitzagen van bomen die dreigen om te vallen. Maar ook het treffen van maatregelen tegen ongewenste vormen van recreatie, zoals ruiters en crossfietsers die de heuvels als aantrekkelijk parcours zien. Door het monitoren en adviseren van preventieve beheermaatregelen helpt de AMW de terreinbeheerder bij de instandhouding ervan.
In de directe omgeving van de grafheuvels gaan meer begravingen schuil. Deels gaat het om kleine en ook geringe verhogingen. In het omringende bos zijn verschillende verhogingen zichtbaar. Uit onderzoek is gebleven dat in dit gebied ook natuurlijk microreliëf voorkomt. Waar sprake is van open bos met een kruidige vegetatie zal reliëf enkel zichtbaar zijn na het maaien van de kruidlaag. Naast zichtbare grafmonumenten zijn er vlakgraven, kuiltjes met crematieresten in de bodem die zich op geen enkele wijze aan het oppervlak als graf manifesteren.


Voor het Leudal is door Staatsbosbeheer en de RACM kortgeleden een Erfgoedstrategie ontwikkeld, een beleidsvisie voor de gebiedsgerichte ontwikkeling en beheer van cultuurhistorische waarden. Het Leudal kent namelijk een lange dynamische geschiedenis, terwijl de bodems en geomorfologie van dit natuurgebied nog nauwelijks verstoord zijn.