IJverige mol graaft mee

In opdracht van de gemeente Valkenburg aan de Geul brengen Ivo van Wijk en Torn Hamburg van de firma Archol archeologische vindplaatsen in kaart. Ze bekijken ter plekke of zo’n site interessant is, en dus beschermd zou moeten worden.


Bron: Dagblad de Limburger
Door René Willems


Voor het echte veldwerk hebben ze een grondboor bij zich. Met dat simpele stuk gereedschap kunnen de twee archeologen de bovenste laag aarde bekijken, waarbij meteen duidelijk wordt of op die plek mogelijk nog sporen van bandkeramiekers, Romeinen of andere ‘oer-Valkenburgers’ te vinden zijn.


Op andere plekken hebben ze die grondboor niets eens nodig om de situatie te kunnen beoordelen. Op de steile flanken van de Goudsberg bij Walem tref je niks aan, verwacht Ivo van Wijk, „dat zie je al vanuit de auto als je hier langs rijdt”. O ja? „Als hier al wat gezeten heeft, dan is het in de loop van de eeuwen ongetwijfeld met de bovenste lagen grond naar beneden gestroomd”, legt zijn collega Tom Hamburg uit.


Het geeft aan hoe belangrijk het is dat je als archeoloog het landschap kunt ‘lezen’, zegt Van Wijk: „Als je langs de Geul oude scherven vindt, zien amateur-historici daar al vlug een vroegere nederzetting in. Dat zou kunnen, maar je hebt ook kans dat die nederzetting boven op de berg was, en dat die voorwerpen later met de grond langs die helling naar beneden zijn geschoven; door die erosie kunnen archeologische voorwerpen zich in de loop van de eeuwen soms een flink stuk verplaatsen.”


Van Wijk en Hamburg zijn door de gemeente Valkenburg aan de Geul ingehuurd om de archeologische vindplaatsen opnieuw te bekijken. „Op zich zijn die plaatsen wel bekend”, zegt Wiel Felder, beleidsmedewerker archeologie bij de gemeente. „De meeste staan al op een kaart van de toenmalige Rijksdienst voor Oudheidkundig Bodemonderzoek, andere zijn later toegevoegd omdat amateurs daar dingen hebben gevonden.”


Het is de bedoeling dat Van Wijk en Hamburg aangeven welke plekken zo interessant zijn dat ze bewaard moeten blijven. „Op grond van het Verdrag van Malta, waarin de bescherming van archeologische vondsten is vastgelegd, moeten wij voorkomen dat mogelijke vindplaatsen verstoord worden”, zegt Felder. „De eigenaar van dat terrein krijgt daarom allerlei voorwaarden en beperkingen opgelegd.”


Daar staat tegenover dat plaatsen die archeologisch niet van belang zijn, van die lijst geschrapt kunnen worden, benadrukt Felder: „Als je op die plaats waarschijnlijk toch niks meer vindt, bijvoorbeeld omdat mogelijke vondsten daar ondertussen omgeploegd zijn, hoefje de eigenaar natuurlijk ook niet te confronteren met al die extra eisen. In die zin is het ook voor de boeren van belang dat wij over actuele informatie kunnen beschikken.” Hamburg is in zijn nopjes met de opdracht van de gemeente Valkenburg aan de Geul. „Voor archeologen is Zuid-Limburg de schatkamer van Nederland”, zegt hij. „Vijfduizend jaar vóór Christus, toen het Westen nog één groot moeras was, hadden zich in dit vruchtbare gebied al boeren gevestigd. Je vindt hier dus veel oudere resten dan in de Randstad, waar de eerste bewoners pas duizend jaar later neerstreken.”


Op de plattegrond die de twee Leidse archeologen van de gemeente hebben meegekregen, zijn zo’n tweehonderd archeologische vindplaatsen aangegeven. Van Wijk en Hamburg hebben veertig plekken aangekruist die ze de komende dagen nader willen onderzoeken. „Soms is de situatie zo duidelijk dat je haar in het voorbijrijden al vanuit de auto kunt beoordelen”, zegt Hamburg. „Op zo’n steil aflopende akker vind je geheid niks. Die plek kun je met een gerust hart schrappen.”


Op andere plaatsen is het nodig even in de bodem zelf te kijken. Daarvoor hebben ze dus een grondboor bij zich. „Op een akker komen bij het ploegen wel eens oude scherven mee naar boven”, legt Van Wijk uit. „Als je die vindt, weet je dat daar mogelijk iets in de grond zit, zodat je daar toch even wat beter naar kijkt.” In een weiland is dat moeilijker omdat de grond daar in principe niet bewerkt wordt door de boeren. Daar krijgen de Leidse onderzoekers echter hulp van een onverwachte medewerker: de ijverige mol. „We concentreren ons op zo’n stuk grasland meestal op de molshopen”, verduidelijk Van Wijk. „In zo’n molshoop tresf je soms een scherfje aan dat met die losse aarde mee naar buiten is gekomen. En dan weet je dus dat daar mogelijk nog méér in de grond zit.”


VERDRAG VAN MALTA



  • Het Verdrag van Malta is in 1992 ondertekend door de Europese ministers van Cultuur.
  • ln die overeenkomst – ook wel Conventie van Valetta genoemd – is afgesproken dat de landen behoedzaam omgaan met archeologische resten.
  • Als archeologische vondsten niet meteen opgegraven kunnen worden, moet de overheid maatregelen nemen om de vindplaats te beschermen.
  • Nederland heeft die afspraken verankerd in de nieuwe Wet op de archeologische monumentenwet uit 2007.

Archol zoekt sporen van vroegste Nederlanders
De archeologen Ivo van Wijk en Tom Hamburg werken voor ie firma Archol uit Leiden. Het bedrijf – de naam is de afkorting van Archeologisch onderzoek Leiden is gelieerd aan de Universiteit van Leiden. In opdracht van overheid er bedrijfsleven zoekt Archol in het hele naar sporen van de vroegste bewoners: de oer-Nederlanders.