Provinciale erfgoedverordening

Eén artikel in de Erfgoedwet geeft net als de Provinciewet de mogelijkheid een gemeentelijke erfgoedverordening vast te stellen:

Erfgoedwet artikel 3.17. Provinciaal Erfgoed. Hoofdstuk 3 Aanwijzing als beschermd erfgoed § 3.1. Aanwijzing van monument en archeologisch monument.

  1. Provinciale staten kunnen een erfgoedverordening vaststellen.
  2. De verordening ziet op het beheer en behoud van cultureel erfgoed geheel of gedeeltelijk gelegen binnen de desbetreffende provincie, dat van bijzonder belang is voor die provincie vanwege de cultuurhistorische of wetenschappelijke betekenis.
  3. Gedeputeerde staten houden een provinciaal erfgoedregister van aangewezen cultureel erfgoed bij.

Roerend erfgoed

Bescherming van roerend erfgoed kan op drie schaalniveaus plaatsvinden:

  • op rijksniveau door middel van de Erfgoedwet (Erfgoedwet artikel 3.7);
  • op provinciaal niveau door het vaststellen van een provinciale Erfgoedverordening (Erfgoedwet artikel 3.17.);
  • op gemeentelijk niveau door het vaststellen van een gemeentelijke Erfgoedverordening (Erfgoedwet artikel 3.16.).

Voor provincies geldt dat zij niet verplicht zijn de bescherming van gemeentelijk roerend cultureel erfgoed vast te leggen in een Erfgoedverordening. Wat mee kan spelen in de beslissing om dit wel te doen is de vraag of er een provinciale erfgoedcollectie aanwezig is.

Erfgoedregister

Wanneer een provincie provinciale monumenten of cultuurgoederen aanwijst of heeft aangewezen, is zij op basis van de Erfgoedwet verplicht hier een register van bij te houden. Het staat de provincie vrij de vorm en het detailniveau van deze lijst te bepalen. Indien een provincie geen cultureel erfgoed van regionaal belang aanwijst of heeft aangewezen, hoeft zij ook geen register bij te houden.

Een provinciaal erfgoedregister kan wat betreft de gegevens vergelijkbaar zijn met het rijksmonumentenregister, al is de juridische status anders. Een monument of archeologisch monument is pas een rijksmonument als het is ingeschreven in het rijksmonumentenregister. Dit geldt niet voor de status van provinciale monumenten.

Instandhoudingsplicht

De instandhoudingsplicht zoals opgenomen in de Erfgoedwet artikel 10.18 geldt alleen voor rijksmonumenten. Als een provincie deze instandhoudingsplicht ook wil laten gelden voor haar provinciale monumenten is het aan te raden om daarvoor een artikel in de provinciale Erfgoedverordening op te nemen.

Omgevingswet

Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet vervalt de verplichting om een erfgoedverordening te hebben. De bescherming van onroerend cultureel erfgoed gaat dan over in het gemeentelijke omgevingsplan: - of het nu gaat om:

  • rijksmonumenten,
  • provinciale monumenten,
  • gemeentelijke monumenten,
  • gebouwde monumenten,
  • aangelegde monumenten of;
  • archeologische monumenten.

De Omgevingswet bevat voor de provincie de verplichting om een omgevingsverordening te hebben. De grondslag van die omgevingsverordening is dan niet langer de Erfgoedwet maar de Omgevingswet.

Het vaststellen van een erfgoedverordening met als grondslag de Erfgoedwet is dan alleen nog mogelijk voor roerend cultureel erfgoed (cultuurgoederen). Het te beschermen onroerend cultureel erfgoed moeten provincies vanaf de invoering van de omgevingswet in de omgevingsverordening opnemen: dit kan dus niet meer door middel van de Erfgoedverordening.



Laatst bewerkt op 28-07-2016